Een persoonlijke visie binnen Krav Maga.

Binnen de wereld van vechtsporten – en dus ook binnen Krav Maga – leeft nog steeds een hardnekkige overtuiging: wie niet sparrt, leert niet vechten. Sparren wordt gezien als dé ultieme test, dé manier om technieken “echt” te maken. Toch groeit bij mij al geruime tijd de overtuiging dat de manier waarop wij vandaag sparren vaak niet meer aansluit bij wat we werkelijk willen bereiken. Dit is geen absolute waarheid, maar wel een persoonlijke visie, waarvan ik besef dat niet iedereen zich hierin zal vinden. Net daarom is het belangrijk om ze niet alleen te formuleren vanuit ervaring, maar ook te onderbouwen met inzichten uit de wetenschap.
Wanneer we kijken naar hoe klassiek sparren in de praktijk verloopt, zien we een patroon dat moeilijk te negeren valt. Wat begint als een oefening om technieken te testen, evolueert vaak naar een situatie waarin winnen centraal komt te staan. Ego speelt een rol, de intensiteit stijgt, en de ruimte om fouten te maken verdwijnt. Het gevolg is dat deelnemers minder gaan experimenteren, vaker terugvallen op wat ze al kennen, en uiteindelijk minder leren. Tegelijk neemt het risico op blessures toe, wat op lange termijn leidt tot uitval. Dat is problematisch, zeker binnen Krav Maga, waar het doel net ligt in efficiëntie, realisme en duurzaamheid.
De neurowetenschappen bieden een interessante invalshoek om dit fenomeen te begrijpen. Wanneer iemand onder hoge stress staat, stijgt het niveau van cortisol in het lichaam. Dat hormoon helpt ons om te overleven in acute situaties, maar heeft tegelijk een negatieve impact op leren en geheugen. In een typische fight-or-flight toestand verschuift het brein van een leerstand naar een overlevingsstand. Onderzoek van onder meer het National Institutes of Health toont aan dat verhoogde stressniveaus het leervermogen significant kunnen verminderen. Wie zich hierin wil verdiepen, vindt een helder overzicht in dit artikel: Stress and Learning – NIH. Ook de American Psychological Association bevestigt dat stress een directe impact heeft op cognitieve functies en leerprocessen, zoals te lezen is via How Stress Affects Learning – APA.
Daartegenover staat het concept van neuroplasticiteit, het vermogen van het brein om zich aan te passen en nieuwe vaardigheden te ontwikkelen. Volgens inzichten van Andrew Huberman van Stanford University wordt dit leervermogen net geoptimaliseerd in een toestand waarin stress beheersbaar blijft en motivatie aanwezig is. In zo’n toestand spelen neurotransmitters zoals dopamine een belangrijke rol. Zij stimuleren exploratie, motivatie en het opslaan van nieuwe informatie. Meer achtergrond hierover is te vinden via What is Neuroplasticity – Huberman Lab. Met andere woorden: wie constant traint onder hoge druk, traint misschien zijn weerbaarheid, maar beperkt tegelijk zijn leervermogen.
Wat vaak vergeten wordt, is dat spelen een fundamenteel biologisch mechanisme is om te leren. In de natuur zien we hoe jonge dieren via spel essentiële vaardigheden ontwikkelen. Leeuwenwelpen spelen jacht, berenwelpen spelen gevecht. Dat spel is geen vrijblijvende activiteit, maar een veilige manier om complexe gedragingen te oefenen zonder de risico’s van echte confrontatie. Ook bij mensen is dat niet anders. Kinderen leren niet door constante druk, maar door exploratie, herhaling en speelse interactie. Dat principe blijft gelden, ook wanneer we volwassen worden, al lijken we het soms te vergeten.
De relatie tussen stress en prestatie wordt al langer beschreven in de zogenaamde Yerkes-Dodson wet, die stelt dat prestaties optimaal zijn bij een gemiddeld niveau van spanning. Te weinig prikkels leiden tot onderpresteren, maar te veel stress zorgt voor blokkering. Wie dit principe wil begrijpen, vindt een toegankelijke uitleg via Yerkes-Dodson Law Explained. Wanneer we eerlijk kijken naar hoe sparren vaak wordt ingevuld, dan moeten we vaststellen dat het zich regelmatig aan de verkeerde kant van deze curve bevindt. De druk ligt te hoog, waardoor het leerproces net wordt afgeremd.
Interessant is dat ook binnen de topsport een verschuiving zichtbaar is. Steeds meer professionele vechters kiezen ervoor om klassiek hard sparren te beperken of zelfs volledig te schrappen. Niet omdat ze minder willen trainen, maar omdat ze efficiënter willen trainen. Ze focussen meer op timing, afstand, techniek en inzicht, vaak in een gecontroleerde en speelse setting. Hun uitgangspunt is duidelijk: schade in training is schade die je meeneemt naar competitie of realiteit.
Voor Krav Maga is deze discussie bijzonder relevant. In tegenstelling tot sportdisciplines is Krav Maga gericht op zelfverdediging in een onvoorspelbare context. Dat betekent dat we rekening moeten houden met factoren zoals meerdere aanvallers, mogelijke wapens en juridische kaders zoals uitgewerkt in de principes van AGPO en VOEN (meer hierover via KMTC – Wettige Verdediging). Klassiek sparren reduceert deze complexiteit vaak tot een duel tussen twee personen, wat maar een beperkte weerspiegeling is van de realiteit. De vraag die we ons moeten stellen is dus niet alleen hoe hard we trainen, maar vooral hoe relevant onze training is.
Vanuit die redenering pleit ik voor een verschuiving: niet weg van druk, maar weg van de klassieke invulling van sparren. Wat in de plaats kan komen, is wat men “serious play” noemt: doelgericht spel met een duidelijke leerintentie. Dat betekent trainen met gecontroleerde intensiteit, ruimte voor fouten, en een focus op ontwikkeling in plaats van winnen. In zo’n omgeving kunnen technieken getest worden, kan er geëxperimenteerd worden, en blijft de veiligheid gewaarborgd. Het resultaat is niet minder realisme, maar net een andere vorm van realisme, waarin leren centraal staat.
Ik ben mij ervan bewust dat deze visie ingaat tegen een aantal traditionele opvattingen binnen de vechtsportwereld. Sparren heeft zijn plaats gehad en heeft nog steeds waarde, maar misschien niet in de vorm waarin we het vandaag vaak toepassen. Als we de ambitie hebben om mensen beter te maken op lange termijn, moeten we durven kijken naar wat werkt, en wat niet meer werkt.
Voor mij komt het uiteindelijk hierop neer: we moeten niet stoppen met trainen onder druk, maar we moeten leren spelen met druk. Want wie enkel leert overleven in training, zal misschien standhouden, maar niet noodzakelijk groeien. En binnen Krav Maga zou groei altijd centraal moeten staan.
Ter Inspiratie:
Auteur: Vermeulen Jeroen
